Afgelopen zondag 12 augustus deed ik mee met de verenigingstriathlon van de Oude Veer in Schagen. Zelf ben ik geen lid, maar een vriend van mij wel en die nodigde me uit om mee te doen.

Mede door hem ben ik vorig jaar ook begonnen met triathlons en heb ik toen mijn eerste kwart bij hun in Anna Paulowna gedaan.

Dit jaar kwam het qua planning niet echt goed uit om weer Anna Paulowna mee te doen, precies twee weken voor Almere.

Om er toch een soort van traditie van proberen te maken jaarlijks minimaal één triathlon samen te doen was deze vereninginstriathlon de enige optie voor dit jaar.

Het leuke was dat deze precies op de plek is waar ik vorig jaar mijn eerste kwart triathlon deed. Toch leuk om daar weer terug te zijn.

Omdat deze triathlon georganiseerd was door en speciaal voor de vereniging was het lekker kleinschalig.

Er waren in totaal 40 deelnemers. Natuurlijk vooral leden van de vereniging en een aantal introducees, zoals ik.

De wedstrijd was goed georganiseerd en voorzien van alles voorzieningen die je nodig hebt. Twee boten in het water tijdens het zwemmen, verkeersregelaars op de weg tijdens het fietsen enz.

De weersomstandigheden waren niet ideaal met veel en stevige wind. Volgens mijn Garmin stond er een wind van zo’n 28km/u. Net op de grens van windkracht 4 en 5.

Oranje badmuts ben ik, bij het ingaan van het water.

 

Happen naar lucht

Het zwemparcours bestond uit een heenweg van ongeveer 50 meter langs de pier, dan 150m tot de eerste boei. Dan 50m tegen de wind in en de laatste 250m terug tot de kant om er weer uit te klimmen.

De 200m tot de eerste boei hadden we de wind van links waardoor er van die kant flinke golven over ons heen kwamen.

Gelukkig adem ik rechts waardoor ik daar weinig last van had en redelijk goed in mijn ritme kon komen. Mijn data geeft aan dat ik de eerste 100m een tempo had van 2:00.

Bij het omzwemmen van de eerste boei ging het nog best lekker. Doordat ik nu vol tegen de wind in kwam te liggen hapte ik een paar flinke golven weg en half kotsend kon ik nog een best tempo van 1:42 vasthouden voor de volgende 200 meter.

Dat zag ik achteraf, voor mijn gevoel was het toen al dramatisch.

Na het passeren van de tweede boei kwamen de golven aan mijn rechterzij te liggen. Waardoor ik al snel bij het ademen moeite kreeg om iets van lucht te happen.

Met het kotsende gevoel van de grote slokken daarvoor erbij werd het even te veel en moest ik terugvallen op schoolslag om weer te kunnen ademen.

Een paar keer probeerde ik weer borstcrawl verder te komen, maar ik kwam niet meer in een ritme en met de golven van rechts ging het ademen niet goed.

Geprobeerd om links te ademen, maar dat ging niet comfortabel door de onrust die ik toen al had.

Resultaat: een heel stuk in schoolslag gezwommen en ploeterend naar de kant zien te komen.

Enige pluspuntje was dat ik gelukkig niet als laatste het water uit kwam.

 

Comfortabel in de tegenwind

Na een best soepele wissel zat ik eindelijk op mijn fiets.

Net als veel triatleten blij dat ik het zwemmen achter me kon laten. Zeker deze keer vond ik dat helemaal niet erg.

Wisselen vanuit mijn wetsuit ging lekker soepel en redelijk snel pakte ik mijn fiets mee uit parc fermée.

Bij het uitrijden van de haven gingen we direct de weg op waarbij de wind van rechts kwam.

Dat betekende dus flink het stuur tegenhouden om rechtdoor te blijven rijden. Zeker omdat ik 8cm diepe wielen heb kostte dat soms best wat moeite.

Na de eerste bochten naar rechts veranderde de zijwind in volle tegenwind.

Het “lange” rechte stuk was ongeveer 3 kilometer lang. En ondanks de stevige tegenwind kon ik toch tegen de 30 km/u blijven rijden.

Aan het eind weer een bocht rechtsom en daarbij doken we een klein beetje achter een dijkje waardoor de wind wat verminderde.

Een schuine slinger weg terug naar de haven van zo’n 3,5 kilometer lang. Met de wind wat meer in de rug en afgezwakt door het dijkje kon ik hier lekker doortrappen.

Als snel reed ik daar comfortabel 40+ en stukken richting de 45km/u.

Drie keer hetzelfde rondje van ongeveer 7,5 kilometer om in totaal op 22,5 uit te komen voordat we konden wisselen.

Elk rondje opnieuw zijwind, tegenwind en weer kort bijkomen met de wind wat meer in de rug.

 

Lopen op halve marathontempo

In de wisselzone was er een pionnetje gezet waar je bij het binnenkomen en uitgaan even omheen moest zodat iedereen een geljke afstand aflegde.

Bij het uitlopen van T2 vergat ik om daaromheen te lopen. Gelukkig werd dat door een andere deelnemer naar me geroepen en dus netjes even terug gelopen voor ik aan het lopen begon.

De overgang van het fietsen naar lopen voelde goed waarbij ik geen last van mijn benen had. Of in ieder geval niet gevoeld heb.

Het looponderdeel was 2,5 kilometer terug lopen over het laatste stuk fietsparcour. Bij de pionnetjes omdraaien en 2,5 kilometer terug.

De heenweg liep je dus weer tegen de wind in, en de terugweg gelukkig met wind mee. Het verschil hiervan voel je toch best goed.

Met de wind mee loopt net wat gemakkelijker.

Ik merkte dat ik de afgelopen tijd vooral duurtrainingen heb gedaan om beter lange afstanden te kunnen lopen.

Om op kortere afstanden een sneller tempo vast te houden lukte me bijna niet. Of misschien is het fietsen toch wat te belastend geweest voor mijn benen.

Uiteindelijk liep ik de 5km in een tempo van 5:12. En daarmee liep ik bijna gelijk aan mijn rustige 18,5km training van vorige week waarbij ik 5:18 liep.

Mijn eerste (en tot nu toe enige) halve marathon liep ik in maart op 5:10 gemiddeld.

Er zit dus nog wel een flinke verbetering in mijn hardlooptempo’s en het bereik wat ik kan lopen op verschillende afstanden. Puntje van aandacht voor ná Almere.

 

 

Pin It on Pinterest

Share This